Omzetten
van een lijfrentevorm
In
ons lijfrenteregime kennen we 4 toegestane vormen die kunnen dienen als
oudedags- dan wel nabestaandenvoorziening. Hierbij kan elke vorm omgezet worden
in een ander zodanig recht. Dit dient echter te worden bezien vanuit de belastingplichtige
zelf.
In
een recente uitspraak van Hof Leeuwarden (28 maart 2003) is nogmaals bevestigd
dat niet alles zomaar kan. In dit geval ging het om een man en een vrouw die
gehuwd waren. De man kwam te overlijden en de vrouw kreeg hierdoor een nabestaandenlijfrente.
Op grond van onze Wet Inkomstenbelasting dient deze vorm direct bij overlijden
in te gaan, tenzij een recht op ANW bestaat. Dan kan de uitkering uitgesteld
worden totdat de ANW-uitkering eindigt. Deze mevrouw wenste echter de nabestaandenlijfrente
om te zetten in een eigen oudedagslijfrente als extra pensioenvoorziening vanaf
haar 65ste. Hof Leeuwarden accepteerde dit echter niet.
Het
lijfrenteregime zorgt voor een zeer flexibele oudedagsvoorziening. Tijdelijke
en levenslange uitkeringen kunnen naadloos op elkaar aansluiten. De ene vorm
kan ook zonder meer in de andere omgezet worden, zodanig dat uw wensen exact
kunnen worden ingevuld. Let echter op dat het omzetten van vormen bezien dient
te worden vanuit dezelfde persoon